bril van statistieken

[Onderstaand stukje is geen transcriptie van de gehele afspraak. Het is mijn verhaal, mijn beleving, mijn inkorting, mijn interpretatie van wat gedaan en gezegd is. Mijn visie is niet dé waarheid. Ik heb nergens gelogen, nergens de naakte feiten verdraaid.]

Op vrijdag 14 juli 2017 om half 11 in de ochtend werd ik gewikt, gewogen en veroordeeld. In 10 minuten tijd ging ik van “mevrouw  Ginneken” naar een cijfer in een grafiek op basis van een statistiek.

Nope, geen typfout die je daar leest. Zo noemde ze me. De “Van” was ergens onderweg uit haar broekzak gevallen, denk ik.

Een vriendelijke brief van de huisartsenpraktijk. Of ik wilde deelnemen aan het cardiovasculair risicomanagementprogramma van de praktijkondersteuner. In 2013 had ik een tia en sindsdien gebruik ik dagelijks bloedverdunners en ‘bloeddrukverlagers’.

Ja, ach, waarom niet? Ik kan altijd even mijn bevallige neusje laten zien. Open minded en zo.

De praktijkondersteuner, een dame wiens naam ik niet mocht vernemen óf ik me niet herinner, straalde niet de vriendelijkheid uit die ik van mijn huisartsenpraktijk gewend ben. Edoch, voordeel van de twijfel, misschien had ze slecht geslapen of zo.

Mijn keuze om uit financiële overwegingen geen bloedonderzoek te laten doen werd vrijwel meteen bekritiseerd.

-Ach u heeft vergeten bloedonderzoek te laten doen.
Nee, dat doe ik nu niet. Ik kan de kosten niet dragen.
-Ja maar u heeft baat bij goed bloedonderzoek en het bedrag gaat gewoon van uw eigen risico af, zoals uw medicijnen. u betaalt u medicijnen toch ook?
-Nee.
-U moet toch echt overwegen om…
-Nee

Mijn bloeddruk werd gemeten. Te hoog. Wil iemand raden waarom? Omdat het ochtend was en zij mij pissig zat te maken vóór ze haar meting uitvoerde. Ik weet dat beide feiten mijn bloeddruk omhoog jagen. Hell, dat zou de bloeddruk van menigeen omhoog jagen. Maar wel fijn voor haar want ze kon meteen terugkomen op het bloedonderzoek dat ik niet wil. Anders kon ze mijn medicijnen niet aanpassen.

Dat was een red flag van heb-ik-jou-daar! Van mijn meds moet iedereen afblijven. “Meer meds” staat niet in mijn woordenboek, muchachos. Mijn open mindedness vloeide langzaam weg onder de tafel.

Mijn schaarse familiegeschiedeniskennis vloog vervolgens over de tafel en was reden om nog een laatste keer over bloedonderzoek te beginnen. Ze hoorde blijkbaar graag “nee”.

De geijkte vragen over gewoontes volgden.

-Rookt u?
-Nee.
-Nooit gerookt?
-Nee.
-Drinkt u?
-Sinds de tia niet meer.

Haar blik ging van quasi-neutraal naar sceptisch. Ik haastte me om te verduidelijken.

-Daarvoor dronk ik wel eens een wijntje bij Kerst of een verjaardag.

Ik zag de schaduw van….van wat? Een vooroordeel? Nee toch?

Wijn, Kerst, verjaardag, een fles per week zeker, te dik, hoge bloeddruk, logisch.

Maar ik kreeg niet de kans om te benadrukken dat ik slechts omgerekend een fles alcohol per JAAR dronk. Ik heb liever thee en water. Mijn gif is cola, niet alcohol.

-Sport u?
-Sinds oktober weer.
-Sporten of bewegen?
-Bewegen. Sporten kan niet meer.

En weer dat gezicht dat betrok als een zomerse dag die ging eindigen in motregen. Was dat vooroordeel nummer 2?

Sport niet, te dik, hoge bloeddruk, logisch.

En wederom kreeg ik niet de kans om te vertellen waarom sporten niet meer kan. Ik moest gewogen ende gemeten worden. Schoenen uit, kleding aan. Dat wegen we gewoon mee.

Whut? Hoeveel? Nee, dat vertel ik hier niet! Duh!

Maar ik voelde mezelf door de laatste gangen van het doolhof in een hokje geduwd worden. Ik vertelde snel dat ik al sinds oktober op dieet sta maar kreeg een sceptisch antwoord: “Ow ja?” Daarna durfde ik niet meer laten zien dat het echt zo was.

Toen was het voorbij. Ja, toch, voorbij? Nope, ik kreeg nog een curb ball toegegooid.

-Heb je pijn?

Say what now? Ja, tuurlijk, buik, rug, knietjes, kop, tanden, dikke teen maar verder dan het woord “prikkelbaar darm syndroom” kwam ik niet. Ze wilde niet weten of ik pijn had; ze wilde weten of ik pijn op de borst had.

Op dat moment nam de verbijstering het helemaal over. Of ik pijn op de borst had? Nee, niet nu, nee. Maar zelfs een 1ste-jaars verpleegster weet dat ‘pijn op de borst’ geen goede, op zichzelf staande indicatie is voor hart- en vaatziekten -zelfs niet als je hoge bloeddruk hebt- bij vrouwen. Toch? Fuck that, ik heb al sinds midden jaren 90 pijn op de borst. Maag, galblaas, darmen, astma, angstaanvallen, zeef er maar doorheen en succes!

10 tellen later stond ik buiten en door mijn hoofd maalde het gesprek.

Ik voelde me bekeken met een bril van statistieken en cijfers. Had deze praktijkondersteuner haar mensbril gedragen dan had ze Anja gezien. Dan had ik kunnen vertellen dat ik sinds de tia in 2013 langdurige periodes van heel slecht slapen heb. #slechtvoordeeetlust Dat ik regelmatig ‘s ochtends opsta met schreeuwende pijn in mijn onderrug. #slechtvoordebloeddruk Dat ik mijn linkerbeen maanden lang niet heb kunnen plooien. #bybyesporten Dat datzelfde linkerbeen bij lange wandelingen letterlijk voelt alsof het 300 kilo weegt en uitvalt. #byebyesporten Dat ik mijn leven de afgelopen 2,5 jaar al 2 keer compleet stopgezet heb om voor mijn E. te zorgen die zo ziek was. #slechtvooralles

Had ze naar Anja gekeken dan had ze een compliment kunnen geven dat ik mijn problemen zelf probeer aan te pakken, zonder extra pillen te slikken, of van een arts te eisen dat hij mij beter maakt. Dat ik ondanks de ellende van de afgelopen jaren nog steeds overwegend vrolijk ben en positief over morgen.

Die bril van statistieken en cijfers en grafiekjes tast mensen in hun waarde aan en maakt hen diep ongelukkig. Kijk om je heen, hoeveel mensen om je heen hebben het zo druk met proberen te voldoen aan ‘de maatstaven’ dat ze vergeten gelukkig te zijn?

Mijn eerste gesprek met de praktijkondersteuner had moeten beginnen en eindigen met:

-Bent u gelukkig?
– JA!

ACVG

ACVG

Hallo lezer die mij volgde naar het einde van deze blogpost! Ik ben benieuwd wat je ervan vindt. Je kan hier slechts 30 dagen reageren. Daarna nog vragen of opmerkingen? Klik op Contact!
ACVG